Lees meer over dit woord
Passenger
Een reiziger in een openbaar of privévervoermiddel, anders dan de bestuurder, piloot of bemanning.
Voorbeelden in context
All passengers must wear seat belts.
Alle passagiers moeten hun veiligheidsgordel omdoen.
The plane was full of passengers.
Het vliegtuig zat vol passagiers.
Ontdek meer Engelse stapels
💬 Word tweetalig met onze lerares Umi
Umi corrigeert je uitspraak en grammatica, en leert je op een natuurlijke manier te antwoorden.