Lees meer over dit woord
Car
Een vierradig voertuig op de weg dat wordt aangedreven door een motor en in staat is om een klein aantal personen te vervoeren.
Voorbeelden in context
She drives a small blue car.
Ze rijdt in een kleine blauwe auto.
Where did you park the car?
Waar heb je de auto geparkeerd?
Ontdek meer Engelse stapels
💬 Word tweetalig met onze lerares Umi
Umi corrigeert je uitspraak en grammatica, en leert je op een natuurlijke manier te antwoorden.