Lees meer over dit woord
Bicycle
Een voertuig met twee wielen waarop je zit en dat je voortbeweegt door met je voeten op de pedalen te trappen. Vaak wordt het een 'fiets' genoemd.
Voorbeelden in context
I ride my bicycle to work.
Ik ga op de fiets naar mijn werk.
Lock your bicycle to the fence.
Zet je fiets met een slot vast aan het hek.
Ontdek meer Engelse stapels
💬 Word tweetalig met onze lerares Umi
Umi corrigeert je uitspraak en grammatica, en leert je op een natuurlijke manier te antwoorden.