Lees meer over dit woord
Trzeba
Onpersoonlijk predicatief zonder onderwerp en zonder persoonsuitgangen, met een infinitief. Verleden tijd: trzeba było.
Voorbeelden in context
Trzeba kupić chleb.
Er moet brood gekocht worden.
Trzeba już iść do domu.
We moeten nu naar huis.
Ontdek meer Poolse stapels
💬 Word tweetalig met onze lerares Umi
Umi corrigeert je uitspraak en grammatica, en leert je op een natuurlijke manier te antwoorden.