Lees meer over dit woord
Der Reisepass
Wordt in informeel gesprek meestal ingekort tot Pass. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord dat het lidwoord der vereist.
Voorbeelden in context
Vergiss bitte deinen Reisepass nicht zu Hause.
Vergeet alsjeblieft je paspoort niet thuis.
Ich muss meinen Reisepass bei der Kontrolle zeigen.
Ik moet mijn paspoort bij de controle laten zien.
Ontdek meer Duitse stapels
💬 Word tweetalig met onze lerares Umi
Umi corrigeert je uitspraak en grammatica, en leert je op een natuurlijke manier te antwoorden.