Lees meer over dit woord
Der Apfel
Een appel is een ronde vrucht met een stevige schil die groen, rood of geel kan zijn. Het vruchtvlees is knapperig en varieert van zoet tot zuur.
Voorbeelden in context
Ich esse jeden Morgen einen Apfel.
Ik eet elke ochtend een appel.
Der Apfel ist rot und sehr süß.
De appel is rood en erg zoet.
Ontdek meer Duitse stapels
💬 Word tweetalig met onze lerares Umi
Umi corrigeert je uitspraak en grammatica, en leert je op een natuurlijke manier te antwoorden.