Lees meer over dit woord
Mirror
Een oppervlak dat een duidelijk beeld reflecteert. Mensen gebruiken het om hun uiterlijk te controleren.
Voorbeelden in context
She looked at herself in the mirror.
Ze bekeek zichzelf in de spiegel.
The bathroom mirror is very foggy.
De badkamerspiegel is erg beslagen.
Ontdek meer Engelse stapels
💬 Word tweetalig met onze lerares Umi
Umi corrigeert je uitspraak en grammatica, en leert je op een natuurlijke manier te antwoorden.