🧩
Logica en redeneren
B2 · Vakkundig
20 kaarten
Beheers de Engelse woordenschat van formele en informele logica: premissen, gevolgtrekking, geldigheid, drogredenen en paradoxen. Essentieel voor academisch schrijven.
🔍
Inference De gevolgtrekking
🧠 Deduction De deductie
📈 Induction De inductie
📐 Syllogism Het syllogisme
✅ Validity De geldigheid
🏛️ Soundness De deugdelijkheid
⚡ Contradiction De tegenspraak
📜 Axiom Het axioma
📝 Proposition De propositie
🔽 Deductive Deductief
🔼 Inductive Inductief
🚫 Counterexample Het tegenvoorbeeld
💭 Assumption De aanname
🔗 Coherence De coherentie
⚠️ Inconsistency De inconsistentie
➡️ Entailment De implicatie
🔁 Tautology De tautologie
➕ Corollary Het corollarium
◀️ Antecedent Het antecedent
▶️ Consequent Het consequens
💬 Word tweetalig met onze lerares Umi
Umi corrigeert je uitspraak en grammatica, en leert je op een natuurlijke manier te antwoorden.